Hoe Hema Koningsdag redde…

Martin GijzemijterBlog Comments

‘Schandalig’, zei de vrouw voor me in de rij, toen bleek dat de oranje tompouces bij Hema al om 11 uur uitverkocht waren. Ze draaide zich om en zocht duidelijk naar medestanders. ‘Genocide is schandalig,’ antwoordde ik, ‘dit is hoogstens onprettig’.  Ik denk niet dat deze mevrouw Sinterklaas met me wil vieren.

Ik heb altijd een beetje moeite met dit soort uitspraken. Schandalig, schrikbarend, onbegrijpelijk, stuk voor stuk volledig buiten proportie. Maar erger nog dan de misbruikte krachttermen, vind ik het feit dat we steeds meer zaken in het leven als recht zijn gaan zien. Ik vond het oprecht best jammer dat ik geen oranje tompouce kon scoren bij de Hema op Koningsdag, maar als ik daar dan zo’n zin in had, dan had ik ook vroeger op kunnen staan. Deze winkel is mij niets verschuldigd, het is niet alsof ik iets besteld had. Daarbij vind ik het vooral heel fijn voor die winkel dat ze zo vroeg door hun voorraad heen waren en dat er dus geen eten hoeft te worden weggegooid (over schandalig gesproken).

Daar hebben wij recht op!

Maar de mevrouw voor mij in de rij, die vond het schandalig dat de Hema niet beter had ingekocht/gepland of gewatdanookt. Want het was Koningsdag en zij had recht op haar tompouce. Het probleem is uiteraard niet zozeer deze mevrouw, of haar oranjelekkernij, maar het feit dat we steeds vaker van mening zijn dat we ergens recht op hebben. Dat de wereld, of dit nu winkels zijn, vliegtuigmaatschappijen, maar ook gewoon zaken als de voedselbank ons iets verschuldigd zijn. En als we onze zin niet krijgen, dan schreeuwen we moord en brand op social media, in de hoop dat de Telegraaf het oppikt en we dan alsnog krijgen wat we willen. Niet omdat we er recht op hebben, maar omdat bedrijven en instanties geen imagoschade willen lijden.

Een doos drop

Ik weet nog goed dat ik toen ik klein was een keer een rol drop kocht waar iets mis mee was. Ineens regende het adviezen: daar moet je over gaan klagen, dan krijg je een hele doos vol. Ik heb daar toen inderdaad over geklaagd, maar vooral omdat ik wilde dat het bedrijf wist dat er iets mis was met de drop. Ik kreeg geen doos drop (en dat is maar goed ook), maar daar was mijn oom het niet mee eens, ik had récht op die doos. Ik begrijp daar tot op de dag van vandaag niets van. Het enige waar ik in theorie recht op zou hebben, is een nieuwe rol drop (die ik overigens ook niet kreeg, maar dat terzijde).

De klant is koning ligt absoluut ten grondslag aan die ontwikkeling. Het lijkt soms wel alsof we bedrijven voor ons willen zien kruipen. Wat mij betreft is de klant alleen koning als WimLex bij je aan de kassa staat. We zijn allemaal zo ontzettend bezig met wat we willen en wat we nodig hebben, dat we volledig uit het oog lijken te zijn verloren dat consumeren geen recht is, en produceren geen plicht. Ik geloof dat er in het leven maar twee dingen zijn waar je recht op hebt: het leven zelf, en het vermogen om dat leven leuk, waardig en in vrijheid te mogen ervaren.

Schreeuwen

Het pijnlijkste van alles? De mensen die geen tompouce kunnen scoren op Koningsdag, die een patatje missen omdat de McDonalds-medewerker een foutje maakte, die kwaad zijn omdat de bonusaanbieding bij de Albert Heijn pas maandag begint, terwijl ze toch écht zondag Macaroni willen eten, die schreeuwen doorgaans harder dan de mensen die het moeten doen zonder de twee zaken waar men écht recht op heeft (of zou moeten hebben). Dát is pas iets om je voor te schamen.

En hoe de Hema Koningsdag redde? Door mij te laten ontdekken dat de tompouces van de Albert Heijn stiekem ook heel lekker zijn. Schandalig lekker!